Soms moet je met redigeren echt alles veranderen, zodat de doelgroep de tekst blijft lezen

Redigeren, voorbij de bescheidenheid

Geschreven in Blog, Ondernemerschap, Schrijven door Leonore Noorduyn6 reacties

Mag je bij het redigeren van een tekst, alles, echt alles veranderen ? Of behoud je minimaal de sfeer van de oorspronkelijke tekst? Een verrassend antwoord komt van de hertaling van de Max Havelaar.

Wat kost het als jij onze tekst redigeert?, vraagt een klant.

Onmiddellijk volgt mijn tegenvraag: Dat hangt ervan af. Wat wilt u?

Redigeren is er namelijk in soorten en maten: Alleen de taal- en spelfouten eruit. Ook de zinnen op z’n kop. Of nog een stap verder en waar nodig ook de structuur van de tekst omgooien.

Als extra zet ik vaak nog ongevraagd vragen en opmerkingen bij de tekst als ik die ergens niet duidelijk vind of als ik denk dat er nog informatie ontbreekt.

Dat zijn alle opties, dacht ik altijd: redigeren minimaal, redigeren basis en redigeren plus. Ik vind het al heftig genoeg voor de klant als ik de plus-variant uitvoer. Hij heeft zo zijn best gedaan op die tekst en ik laat met een paar pennenstreken zien dat er niet zo heel veel aan deugt.

Redigeren plus-plus-plus

Maar er blijkt nog een veel zwaardere variant te zijn. Daar kwam ik achter toen ik een blog schreef over saaie teksten.

Ik zocht daarvoor een typisch voorbeeld van een saaie tekst en kwam uit bij Max Havelaar. Een goed boek, maar saai, herinnerde ik me. Ik pakte mijn exemplaar uit de kast. Voorin stond de naam van mijn grootmoeder, met ‘29 september 1943’. Een andere tijd, maar dat maakt voor zo’n klassieker niet uit.

Zonder ultieme vorm van redigeren leest geen scholier de Max Havelaar

Een saaie passage was niet moeilijk te vinden. Neem deze, uit het veertiende hoofdstuk:

In ’t algemeen reeds is het overbrengen van slechte tydingen iets onaangenaams, en ’t schynt wel of er van den ongunstigen indruk dien ze veroorzaken, iets blijft kleven op wien die de verdrietige taak te-beurt viel zulke tydingen meetedelen. Wanneer nu dit alleen reeds voor sommigen een reden zou wezen om tegen beter weten aan, het bestaan van iets ongunstigs te ontkennen, hoeveel te meer dan wordt dit het geval wanneer men gevaar loopt, niet alleen zich de ongenade op den hals te halen die nu eenmaal ’t lot schynt des overbrengers van slechte berichten, doch tevens als de oorzaak te worden aangezien van den ongunstigen toestand dien men plichtshalve openbaart.

Oeps, dit vond ik wel wat veel van het goede: niet alleen onmogelijke zinnen, maar ook oude spelling en woorden die nog wel te herkennen zijn, maar niemand zo gebruikt, zoals ‘tydingen’.

Daar kwam de veranderzucht.

Voorzichtig redigeren

Van die y kan ik zo een ij maken. En ‘n’-en weglaten die wij niet meer hebben of een ‘tegen beter weten aan’ in ‘tegen beter weten in’ veranderen, is ook nog wel te doen.

Dan kan ik ‘wien’ veranderen in ‘degene’.

Zal ik dan ook dat ‘reeds’ weghalen?

Ik weet het niet meer. Durf niet meer. Het voelt als heiligschennis. Zo’n klassieker, dat kan ik toch niet maken? Is het nog wel een échte Multatuli als ik zo ver ga met mijn wijzigingen?

Hulp gezocht.

Er is een nieuwe versie van het boek, weet ik. Maar ik heb alleen dat stokoude exemplaar. Via het Forum van Tekstnet stuurt een collega dezelfde alinea uit het nieuwe boek. Een versie uit 2010, hertaald en bewerkt door Gijsbert van Es.

Hertalen van Max Havelaar: de ultieme vorm van redigeren

In het algemeen gesproken is het onaangenaam iemand een slecht bericht te brengen. Aan de boodschapper blijft altijd wel iets negatiefs kleven. Dit alleen al kan een reden zijn iets ongunstigs uit de weg te gaan. Nog sterker zal dit het geval zijn wanneer men niet alleen een negatieve reactie kan verwachten, maar zelf ook als oorzaak wordt gezien van de misstand die men openbaar maakt.

Wauw. Dat is een plus-plus-plus-variant van redigeren, hertalen genaamd. Je herkent nog net dat het om dezelfde alinea gaat. Je kunt zien waar de nieuwe zinnen vandaan komen en de boodschap is hetzelfde.

Maar veel meer overeenkomst zie ik niet: geen zweem van archaïsche taalgebruik, de lange zinnen opgeknipt in super korte zinnen en de boodschap ligt er nu duimendik bovenop. Je hoeft totaal geen moeite te doen om te doorgronden wat de schrijver precies bedoelt en het is ook een stuk korter.

Hoever mag je gaan met redigeren?

Het schokt me. Mag je zo ver van het origineel afwijken?

Toch zie ik er ook wel wat in. Zeker als ik lees wat de hertaler dacht voor hij aan zijn werk begon. Hij had twee criteria: a. een heldere tekst produceren met soepel lezende zinnen en b. een correcte hertaling maken in historisch taalkundig opzicht.

Met als doel: middelbare scholieren ertoe aanzetten de Max Havelaar weer  te lezen.

Dat lijkt zeer veel op wat een tekstschrijver voor ogen staat als die aan het redigeren slaat: zorgen dat de tekst – zelfs na 150 jaar – gelezen wordt door de doelgroep.

Jammer genoeg is de hertaalde alinea voor mijn blog niet meer bruikbaar. Hij is niet echt saai meer.

Maar hij leert ons tekstschrijvers wel wat over ons werk. We kunnen nog veel verder gaan met redigeren.

Nu blijft alleen de vraag over: durf ik, durf jij als tekstschrijver deze plus-plus-plusvariant aan te bieden? En misschien nog belangrijker: is er een klant die deze variant durft af te nemen?

Over de auteur

Leonore Noorduyn

Bekijk hier haar volledige Tekstnet profiel.

Reacties

  1. Natuurlijk durven we dat. Maar inderdaad: klanten deinzen wel eens terug. Jouw keuze-menu maakt het gesprek daarover vooraf, wel eenvoudiger. Probleem vind ik nog wel dat het makkelijker gezegd is dan gedaan. Ik kan het maar moeilijk: hier en daar een zin wat omgooien, wat woorden veranderen en alstublieft. Ik zou mezelf als redacteur dan ook nooit bescheiden willen noemen. Eerder terughoudend of voorzichtig. Je hebt als redacteur ook een “professionele verantwoordelijkheid”: je belooft je opdrachtgever namelijk dat zijn of haar tekst gelezen kan worden door de doelgroep. Overigens vind ik in dit soort situaties het vaak handiger om de schrijver te interviewen. Maar dat terzijde.

    1. Author

      Je hebt gelijk, misschien is het niet zozeer bescheidenheid, maar terughoudendheid. Het effect is overigens voor mij hetzelfde: ik leg wel uit dat ik van klein tot groot kan gaan, maar vind het lastig om te zeggen dat ik beter de hele tekst door elkaar kan husselen en van nieuwe woorden kan voorzien. Zeker als die klant aangeeft best trots te zijn op wat hij heeft neergezet.

      Andersom: als ik alleen hier en daar wat zinnen mag veranderen, de eerste variant, en ik merk dat de tekst toch echt meer nodig heeft, dan kan ik het niet laten om toch meer te doen. Anders is er ook niets aan, want dan lever je een tekst die de doelgroep nog steeds niet kan/gaat lezen. Dit komt vaak voor als er iets anders speelt, namelijk dat de klant (te) weinig geld over heeft voor de klus…

      Jouw terzijde: helemaal mee eens. Als ik zelf de informatie verzamel en dan ga schrijven, komt er toch echt een nog betere tekst uit dan als ik uitga van wat er al staat. Dan worden mijn gedachten al een bepaalde richting opgestuurd, daarbuiten denken is moeilijker.

  2. Leuk blog en toevallig vandaag net weer bij de hand. Hertalen vind ik wel een mooie term voor herschrijven van tekst waarbij de essentie overeind blijft. Zelf word ik het meest gelukkig van de plusplusplus variant en uiteindelijk de klant natuurlijk ook. Ik merk dat de meesten liever zien dat je gewoon eerlijk bent over wat hun tekst nodig heeft. Ieder zijn vak!

    1. Author

      Ja, dat is wel fijn, als je klant open staat voor jouw advies en het eigenlijk aan jou overlaat wat het beste is voor die tekst. Dan heb je ook het gevoel dat je echt bijdraagt. Als je alleen correcties mag toepassen als die tekst dan nog steeds onleesbaar is, vraag je je af waar je het voor doet en is het plezier in je werk ook veel minder.

  3. Nog even. Dit las ik zojuist over de nieuwe vertaling van Anna Karenina. Het “eigene van Tolstoj” ging verloren in deze hertaling:

    “Omdat Boland ‘Anna Karenina’ wel een prachtig boek vindt, maar van mening is dat Tolstojs stijl belabberd is (lange zinnen, nodeloze woordherhaling), heeft hij niet geschroomd flink in die stijl in te grijpen en die te ‘verbeteren’. Dat levert een vertaling op die vlot leest (het woordgebruik van een hedendaagse Nederlandse roman), maar ontdaan is van veel van het eigene van Tolstoj.”

    Dat is echt een risico van ons vak. Sommige mensen schrijven niet alleen bijzonder ambtelijk, ze praten ook zo. Misschien moet je hen die eigenaardigheid wel niet willen afnemen. Sorry lezer.

    1. Author

      Ben ik met je eens. Als iemand een bepaalde, ambtelijke spreekstijl heeft, met veel archaïsche woorden, dan hoort het erbij dat dat wat hij/zij schrijft ook zo is. Afhankelijk van het doel van de tekst.

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.