Mijn 5 gouden schrijftips

Geschreven in Blog, Schrijftrainen, Schrijven door Annemarie Barbier9 reacties

Op een zonnige dag in april zaten we rond de tafel, de wetenschapper en ik. Het was de laatste bijeenkomst van zijn schrijfcoaching. Hij had veel geleerd, bijvoorbeeld hoe hij zijn verhaal beter op zijn doelgroep kon afstemmen. Aan het eind had hij nog 2 vragen aan mij: Welke schrijftips hebben jou als tekstschrijver het meest geholpen? En waarom?

Ik moest er even over nadenken. Het is al ruim 15 jaar geleden dat ik mijn schrijfcarrière begon als redacteur bij het vakblad Voedingsmiddelentechnologie. Mijn studie Levensmiddelentechnologie kwam hierbij goed van pas, en schrijven ging me van nature goed af, maar het vak tekstschrijven moest ik destijds nog leren. Ik beloofde hem de tips te mailen. Dit is het rijtje geworden:

  1. Mijn eigen insteek

Als nieuweling op de redactie lukten korte nieuwsberichten met een duidelijke hoofdboodschap me wel. Maar hoe kreeg ik een langere tekst, bijvoorbeeld een reportage bij een fabrikant, goed op papier? Ik vroeg mijn collega’s naar ‘de aanpak’, want ik wilde graag leren hoe het moest. Zij vertelden me dat er veel meer ruimte was dan ik dacht.

Ik leerde dat ik een reportage bijvoorbeeld kon beginnen met de weg die ik afleg naar het bedrijf, mijn ervaringen met het product dat ze maken of met een actuele ontwikkeling. De tip was om een eigen insteek te kiezen en die goed uit te werken. Dan zou er vanzelf een goed verhaal uitrollen. Het was een kwestie van uitproberen en vertrouwen. Inmiddels heb ik ontdekt dat het echt zo werkt, en ontdek ik steeds nieuwe invalshoeken.

  1. Het belang van de koffiepauze

Als ik een artikel moest schrijven, dacht ik vroeger vooral aan het eindresultaat: een titel, een intro, een aantal blokken tekst met tussenkopjes en een knallende uitsmijter. Dus begon ik na een korte blik op alle achtergrondinformatie snel met schrijven, want dan kon ik laten zien dat ik gewerkt had. Dat werkte nogal frustrerend, want op zo’n moment wist ik natuurlijk nog onvoldoende van de inhoud.

Al gauw leerde ik dat je voor informatie verzamelen en doorlezen ruim de tijd moet nemen, en dat ook het bedenken van een goede opzet voor een artikel een onderdeel van het schrijven is. En dat ik beter eerst een ruwe versie kon schrijven, met de nadruk op ruw, voordat ik dingen ging verbeteren.

Het meest verrast was ik over het effect van een pauze: herschrijven werkt het best als ik een tekst een dag, of liever nog een paar dagen laat liggen. Een koffiepauze is echt het minimum om met een frisse blik naar mijn eigen verhaal te kijken.

  1. Hoe concreter, hoe beter

Ik zie me nog zitten bij mijn eerste interview. Het precieze onderwerp ben ik vergeten, het was iets ingewikkelds over technologie en beleid. Tegenover me zaten een professor en een gepromoveerde hoofddocent, naast me een ervaren collega. Ik had me uitgebreid ingelezen in de materie en een hele trits vragen opgesteld. En natuurlijk hoopte ik op antwoorden die de lezers van ons blad een stuk wijzer zouden maken. Maar de reacties bleven wollig, ambtelijk en vaag, ook toen mijn collega me te hulp schoot.

Toen twijfelde ik of ik me wel goed genoeg had voorbereid, inmiddels weet ik beter: als ik een onderwerp niet snap, kan ik er geen goed verhaal van maken. En als iemand iets niet duidelijk kan uitleggen, is er maar één ding dat helpt: vriendelijk blijven doorvragen tot ik het echt snap, en de vraag desnoods 5 keer herhalen.

Krijg ik dan nog geen concreet antwoord, dan is het beter een ander onderwerp of een andere interviewkandidaat te kiezen. 

  1. Schrijf er 10!

De eerste zin, de titel, een tussenkop. Typisch dingen waar ik mijn hoofd over kan breken. Typen, weer deleten, nadenken, kop koffie halen, nieuwe poging, weer deleten. Deze werkwijze schiet niet op, is mijn ervaring. Uit de hoek van het creatief denken kreeg ik de suggestie: bedenk er 10 zonder te schrappen.

10 titels, 10 eerste zinnen of 10 van datgene waar ik op dat moment mee worstel. Met de opdracht ‘schrijf er 10’ schakel ik mijn interne criticus uit, die direct een mening heeft over alles wat ik schrijf. Mijn doel is nu immers om 10 varianten te bedenken, en niet meteen ‘de ultieme’. Dit biedt ruimte. Sterker nog, deze opdracht stimuleert me om minder voor de hand liggende creaties op te schrijven, want anders kom ik nooit aan die 10. 

  1. Lees hardop

Hoe simpel kan het zijn, een tekst hardop voorlezen. En het werkt. Als ik mijn verhaal in een rustig tempo hardop voorlees, ontdek ik vanzelf welke stukken goed lopen en waar de haperingen zitten.

En jij?

Welke tips hebben jou geholpen aan het begin van je schrijfcarrière? Of wat heb je pas jaren later geleerd, en pas je nog steeds toe? Ik ben benieuwd. Laat je reactie achter onder dit blog!

Foto van Nick Karvounis op Unsplash

Over de auteur

Annemarie Barbier

Bekijk hier haar volledige Tekstnet profiel.

Reacties

    1. Author

      Dank voor je tip, Saskia! Ik heb dezelfde tip gehoord voor de laatste zin; ook die kan vaak weg.
      Het lijkt alsof je als schrijver soms een op- en afstapje nodig hebt om je verhaal te vertellen, en staat het verhaal, dan kunnen die hulpmiddelen weg.

  1. Leef je in in je doelgroep. Zoek een persoon die de groep representeert en noteer wat die belangrijk vindt. Met de eerste zin val je gelijk met de deur in huis.

  2. Dat van die eerste en/of laatste zin wel schrijven en daarna weglaten, daar heb ik een variant op. Ik blijk vaak pas in de tweede alinea de inleiding te schrijven. Dus bij het redigeren draai ik de eerste en tweede alinea om. Dan pas gebeurt er iets in de tekst zodat ik een echte herschrijfronde kan starten. Mijn tip: vind je eigen valkuilen…

    1. Author

      Hoi Barbara, vind je eigen valkuilen, dat is een hele goede tip! Ik ben wel benieuwd hoe je hebt ontdekt dat je zelf alinea 1 en 2 vaak beter kunt omdraaien. Kun je daar wat over zeggen?

      1. Het duurde een tijdje voordat ik het zag. Ik ontdekte dat ik vooral bij interviews en artikelen, dus bij een redenering uiteenzetten, steeds hetzelfde deed bij het herschrijven: die 1e en 2e alinea (of zinnen) omdraaien. Ik heb ook een tijdje geprobeerd de inleiding als laatste te schrijven, maar dat werkte niet goed. Er ontbrak een aanloopje. Dus nu schrijf ik gewoon mijn tekst, ik begin bij het begin en ga door tot de hele tekst staat, in concept. Dan laat ik het even liggen en ga wat anders doen. Daarna ga ik pas redigeren. Inmiddels zie ik het niet langer als een valkuil maar als een methode 🙂

  3. Schrijf je sneuvelversie. Die tip van Karel Witteveen tijdens, natuurlijk een workshop van tekstnet, helpt mij al jaren, als ik het in één keer té goed wil doen.

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.